Het impresariaat Kox Vocaal behartigt de belangen tussen opdrachtgever en vocalist bij uw muzikale uitvoeringen.
Tanja Obalski
SopraanDe Duitse sopraan Tanja Obalski studeerde aanvankelijk dwarsfluit aan de Hochschule für Musik und Theater in Hamburg; daarna solozang aan het Conservatorium van Amsterdam bij Margreet Honig en Howard Crook. Tanja Obalski specialiseerde zich vervolgens in Amsterdam in de historische uitvoeringspraktijk en barokzang en rondde in 2003 haar studie succesvol af. Zij volgde verder masterclasses van o.a. Jill Feldman en Emma Kirkby. In 2005 was zij laureate bij het Concours International de Chant Baroque de Chimay en in 2007 finaliste van het oratoriumconcours “Nederlandse Vocalisten Presentatie”.
Als soliste is zij te horen in oratoria, cantates en kamermuziekconcerten zowel in Nederland als daarbuiten. Zij werkte solistisch mee aan CD’s van o.a. de Rheinische Kantorei o.l.v. Hermann Max, van Combattimento en diverse radio-opnames met het Groot Omroepkoor.
Tanja is ook een veelgevraagde ensemble- en koorzangeres. In het verleden zong zij veelvuldig bij o.a. De Nederlandse Bachvereniging (o.l.v. Jos van Veldhoven), Cappella Amsterdam en Collegium Vocale Gent (o.l.v. Philippe Herreweghe). Op dit moment is zij op diverse podia te horen met o.a. het Nederlands Kamerkoor, het Amsterdam Baroque Choir (o.l.v. Ton Koopman) en het Groot Omroepkoor.
Fanny Alofs
Alt-mezzoDe Nederlandse alt/mezzosopraan Fanny Alofs begon als jazz-zangeres, maar maakte de omslag naar klassieke zang. Na het cum laude afronden van haar bachelor zangopleiding aan het Koninklijk Conservatorium (2006) en master aan het Conservatorium van Amsterdam (2009) volgde ze een tweejarig leer/werktraject bij Silbersee, om zich te specialiseren in hedendaags-klassiek vocaal repertoire. Hiervoor ontving zij een Prins Bernhard Cultuurfonds Beurs, en het Margrit Widlung Stipendium, tweejaarlijks uitgereikt aan een jonge zangeres met een sterke podiumpresentatie.
Iniddels heeft zij een veelzijdige concertpraktijk in binnen- en buiteland opgebouwd, en zingt op podia van Carnegie Hall tot Istanbul Music Festival, met veel moderne of non-westerse werken van bijvoorbeel Karl Jenkins, Stravinsky, Andriessen, Saariaho, Glass of Berio, afgewisseld met soli in traditionele oratoria en concertwerken van Bach, Mozart, Satie etc. Met enige (on)regelmaat maakt zij solo-performances, maar zij treedt vooral op met ensembles als Asko|Schönberg Ensemble, BBC Symphony Orchestra, Residentie Orkest, Clazz Music, Instant Composers’ Pool, Nederlands Kamerkoor en vele andere groepen, waarbij af en toe uitstapjes naar de jazz voorbij komen. Ook geeft zij duo-optredens met claveciniste Goska Isphording en is zij vaste zangeres en directeur van Lunatree, kamermuziekensemble dat zich toelegt op minimal music, en daarnaast hedendaags klassiek koppelt aan rock en ambient music.
Fanny maakt graag en veel muziektheater, onder meer bij De Nationale Opera, Rotterdamse Operadagen, Muziektheater Transparant, LOD, Toneelhuis, KamerOperaHuis, De Veenfabriek, Holland Festival, Theater Sonnevanck, November Music Festival, Boulevard, Festival Karavaan en de Ruhrtriënnale. Eén van de leukste aspecten van modern repertoire vindt ze de persoonlijke samenwerking met componisten van nu. Zo werkte ze met enkele groten, bijvoorbeeld met componist Steve Reich aan zijn werk Tehillim, met Louis Andriessen aan zijn orkestwerk De Stijl en met Georges Aperghis aan zijn multimediaspektakel Machinations. Met regelmaat schrijven componisten nieuw werk voor haar, soms ook gebruikmakend van haar vaardigheden als improviserend jazz-musicus.
Yvonne Kok
MezzosopraanYvonne Kok voltooide haar zangopleiding aan het Conservatorium van Amsterdam en wordt sindsdien regelmatig gecoacht door Ira Siff. Daarnaast volgde Yvonne lessen en masterclasses bij onder andere Jard van Nes, Bernarda Fink, Nelly Miricioiu, Margreet Honig, William Matteuzzi.
Als soliste verleende Yvonne medewerking aan uitvoeringen van diverse oratoria in binnen- en buitenland, zoals de Matthäus Passion, Johannes Passion, het Weihnachtsoratorium en de Hohe Messe van Bach, de Krönungsmesse en het Requiem van Mozart, Rossini’s Petite Messe Solennelle, het Gloria en Magnificat van Vivaldi, de 9e symfonie van Beethoven, het Requiem van Duruflé, het Stabat Mater van
Pergolesi en diverse Bachcantates. Hierbij werkte ze o.a. samen met Het Gelders Orkest, Sinfonia Rotterdam en The State Philharmonic Orchestra of Sibiu (Roemenie).
Bij de Nationale Opera was Yvonne in oktober 2022 te horen als ‘eine Frau’ in Humperdinck’s Köningskinder o.l.v Marc Albrecht en een regie van Christoph Loy. In het seizoen 2023-2024 zong zij de rol van Edelknabe in Wagner’s Lohengrin en de rol van Seconda Cercatrice in Puccini’s Suor Angelica bij de Nationale Opera, beide onder leiding van Lorenzo Viotti.
Verdere rollen zijn Mrs. Herring in Britten’s Albert Herring, Bastien in Mozart’s Bastien und Bastienne, Ruggiero in Alcina van Händel en Olga in Onegin van Tchaikovsky. Binnen het Resident Artist’s Programme van de Nederlandse Reisopera zong Yvonne de rol van Marcellina in een bewerkte versie van Mozart’s Le Nozze di Figaro.
Yvonne gaf recitals in onder andere de kleine zaal van het Concertgebouw, de grote zaal van het Muziekgebouw aan ’t IJ (voorprogramma serie Grote Zangers), concertzaal de Harmonie in Leeuwarden en op het Peter de Grote Festival. Met Frans van Ruth voerde zij veelvuldig liederen uit van Nederlandse componisten, onder wie Diepenbrock, Piet Ketting, Matthijs Vermeulen en Leander Schlegel. Aan het Franz-Schubert-Institut in Baden bei Wien werkte Yvonne met gerenommeerde specialisten op het gebied van lied en liedbegeleiding, zoals Robert Holl, Rudolf Jansen, Julius Drake, Edith Wiens, Walter Moore, Wolfram Rieger en Helmut Deutsch.
Yvonne maakt sinds 2013 regelmatig deel uit van het koor van de Nationale Opera en is sinds 2022 in vaste dienst. Yvonne richtte haar eigen ensemble Animoso waarmee zij in 2018-2019 een theatrale familievoorstelling (CARNAVAL!) op diverse festivals en concertlocaties speelden, waaronder het Grachtenfestival. Van 2020-2023 toerde de familievoorstelling ‘Peertje'(6+), gebaseerd op ‘Peer Gynt’ van Grieg, langs verschillende locaties.
Arco Mandemaker
TenorArco Mandemaker studeerde hoofdvak zang aan het Rotterdams Conservatorium bij Sylvia Schlüter en Maarten Koningsberger en hoofdvak koordirectie bij Barend Schuurman. Naast zijn conservatoriumopleiding nam hij deel aan masterclasses van onder anderen Barbara Bonney, Hans-Peter Blochwitz, Carolyn Watkinson, Margreet Honig en Ian Bostridge. Na zijn zangstudie specialiseerde hij zich in de barokke uitvoeringspraktijk bij Howard Crook. Op dit moment wordt hij gecoacht door Jard van Nes.
Arco ontwikkelde zich tot een veelzijdig zanger met een repertoire dat alle stijlperioden omvat. Zo was hij ondermeer te horen in de Johannes- en Matthäus-Passion van Bach, de oratoria van Händel, Haydn en Mendelssohn-Bartholdy, Le Roi David van Honegger, het Requiem van Mozart, King Arthur van Purcell, de Petite Messe Solennelle van Rossini.
Als liedzanger verzorgde hij recitals met liederen van ondermeer Beethoven, Britten, Dowland, Haydn, Mozart, Schubert, Schumann, Wieck en Wolf.
In het voorjaar van 2010 maakte hij zijn debuut met het repertoire van de grote Italiaanse operacomponisten: Bellini, Donizetti, Puccini, Rossini, Tosti en Verdi.
In 2005 richtte hij de stichting “Musica Inaudita” op, een stichting die zich bezighoudt met de uitvoering van “ongehoorde” muziek. Tevens werd hij artistiek leider en dirigent van het professionele “Gombert Consort” en het semiprofessionele “Schütz Vocaal Ensemble”.
Erik Janse
TenorDe tenor Erik Janse soleert veel in oratorium, lied en opera.
Naast de tenor-aria’s in beide Bach Passionen heeft hij de aria’s uit meer dan 80 Bach-cantates gezongen, waaronder de solocantate voor tenor in de Utrechtse Dom. Hij trad diverse malen als solist op in de Messiah van Händel, in diverse Missen en het Requiem van Mozart. Een hoogtepunt blijft vertolking van de Evangelist in de Bach-Passionen.
Romantisch repertoire voerde hij uit zoals de Petite Messe Solennelle (Rossini), het Requiem van Verdi, de Messa di Gloria (Puccini), de Misa Criolla ( Ramirez), de Elias ( Mendelssohn), de Messe Solennelle (Gounod), de Nicolas cantate (Britten) en het Oratorio de Noël (Saint-Saëns). Ook hedendaags werk zong hij met orkest zoals Nova Zembla van Sylvia Maessen, Orkestliederen en Vasalisliederen van Gijs Meeusen, de Jona-cantate van Van der Mullen en Nunc Dimittis van Helmuth Barbe.
Bij de Nationale Opera verzorgde hij met de pianist Maarten Hillenius succesvolle lunchconcerten met liederen van Liszt (2015), van Mendelssohn (2017) en met pianist Ad Broeksteeg liederen van Debussy (2019). Ook voerde hij de liedcycli Dichterliebe van Schumann, de Schöne Müllerin en de Winterreise van Franz Schubert uit.
Erik zingt sinds 2014 als freelancer bij diverse producties in het koor van de Nationale Opera. Hij voerde als solist concertant grote operarollen uit zoals de titelrol Don Carlos van Verdi in Vredenburg (2020) en eerder opera’s van Bellini en Barber. Ook treedt hij regelmatig op met vele solo-aria’s en duetten.
Erik studeerde zang bij Sasja Hunnego, Pierre Mak, Evert Jan Nagtegaal en Marcel Reijans en wordt nu gecoacht door Frank van Aken.