• Zoeken op trefwoord

André Post

De tenor André Post studeerde aan het conservatorium van Zwolle bij Felix Schooneboom en later aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag bij Diane Forlano en Rita Dams, waarna hij zijn studie vervolgde aan het Internationaal Opera Centrum te Amsterdam o.l.v. Hans Nieuwenhuis en Winfried Maczewski. Hij volgde lessen bij Charlotte Margiono en wordt momenteel gecoached door  Dunja Vejzovic in Stuttgart.

André Post begon zijn, nog jonge, carriere met ondermee de rol van Bajazet in Händels Tamerlano met het Utrechts Barok Consort o.l.v. Jos van Veldhoven: de rol van Vogelsang in Der Schauspieldirektor met het Nederlands Kamerorkest o.l.v. Philip Entremont tijdens de Uitmarkt in 1999 (TV registratie), de rol van Male Chorus in Brittens The Rape of Lucretia o.l.v. Richard Bradshaw, Don José in Peter Brooks La Tragédie de Carmen in een regie van Pierre Audi, en Reinbert de Leeuw, tijdens het Holland Festival, Thibault in Les vespres Siciliennes van G. Verdi in de NPS matinee o.l.v. Paolo Olmi en de titelrol in Gounod’s Faust te Heerlen. Flaminio in L’Amore dei Tre Re van Montemezzi o.l.v. Giuliano Carella in de NPS matinee en de wereldpremiere van Songs of Oblivion van Jeppe Moulijn. Onder leiding van Jurjen Hempel zong hij Charles Lindberg in Der Lindbergflug van Kurt Weil. Tevens maakte hij meerdere tournees door Duitsland met Opera- en Operette-repertoire.

Op het gebied van oratorium soleerde hij in de de Matthäus Passion van Bach met o.a.: het Münchner mottettenchor o.l.v. Heiko Siemens, met het Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Hans Christoph Rademann en later met Daniel Reuss. Tevens met het Limburgs Symphonie Orkest o.l.v. Ed Spanjaard en met het Residentie Orkest o.l.v. Jos Vermunt. Hij vertolkte het Requiem van Schumann met het Residentie Orkest o.l.v. Jaap van Zweden en Bachs Jagdcantate met het Combattimento Consort o.l.v. Jan-Willem de Vriend en het Verdi Requiem met Holland Symfonia o.l.v. Ed Spanjaard. Zijn repertoire omvat o.a. ook Haydns Die Jahreszeiten en Die Schöpfung, de Messa di Gloria van Puccini Mahlers das Lied von der Erde (Schönberg Fassung).

In oktober 2007 werd André Post uitgenodigd door het Istituto di Cultura om zijn bijdrage te leveren aan het Pavarotti memorial Event in de Oude Kerk te Amsterdam. Dit Event werd op 90 verschillende plaatsen op de wereld gehouden ter nagedachtenis aan de tenor Luciano Pavarotti.

Recent zong hij met het  Camerata KCO (musici uit het Concertgebouworkest) in Rome, Turijn en Parijs Mahler’s Lied von der Erde. Tevens werkte hij mee aan de wereld premiere  in Utrecht van “the idea of peace” van Adrian Willems. Hij werkte mee aan diverse concerten waaronder de 9e symfonie van Beethoven met het Orkest van de 18e eeuw onder leiding van Frans Brüggen. Verder was hij te horen in de “Feestcantate” van Nicolai met het Orkest van het Oosten o.l.v. Jos Vermunt. Bij ditzelfde laatstgenoemde orkest zal hij binnenkort te horen zijn in het “Te Deum” van Berlioz.

Lees meer
koxvocaal

Andreas Post

De tenor Andreas Post kreeg zijn eerste zangonderricht bij Alastair Thompson en studeerde in de zangklas van Prof. Ks. Soto Papulkas aan de Folkwang-Hochschule in Essen. De in Arnsberg geboren Andreas studeerde vervolgens schoolmuziek, veranderde echter in de richting van muziektheater/zang en behaalde zijn concertexamen met cum laude. Met Prof. Normen Shetler werkte hij aan vragen bij de liedinterpretatie. 1996/1997 ontving hij een beurs van het Schubert-Gesellschaft in Duisburg. In 1998 ontving hij de tweede prijs bij het elfde internationale Bach-concours in Leipzig evenals een bijzondere prijs van de MDR.

Zijn internationale werkzaamheden voeren hem regelmatig naar festivals zoals de Telemanndagen Magdeburg, de Musikfestspielen Dresden, de Tagen alter Musik Regensburg, de Händelfestspielen Halle en het festival van Vlaanderen in Brugge. Hij zong onder verschillende dirigenten zoals Ludger Rémy, Andreas Spering, Jan Willem de Vriend, Jos van Veldhoven, Philippe Herreweghe, Hermann Max, Peter Neumann, Christoph Schoener en Thomas Neuhoff. Hij trad o.a. op met het Collegium Vocale Gent, de Regensburger Domspatzen, de Nederlandse Bachvereniging, La Banda Augsburg, La Ciaccona München, de Hannoverschen Hofkapelle, Musica Alta Ripa, het Telemannischen Collegium Michaelstein, Combattimento Consort Amsterdam, het Göttinger Symphonie Orkest, de Essener Symphoniker, Wuppertaler Symphoniker, Düsseldorfer Symphoniker, de Carl-Philip-Emmanuel-Bach-Akademie Hamburg en de Rheinische Kantorei Dormagen en het Keuls Kamerkoor.

In de opera was Andreas Post te horen als Tamino/Die Zauberflöte van W.A. Mozart, Alfred in Johann Strauss’ Die Fledermaus, Macheath in Brittens The Beggar’s Opera, Samson in een enscenering van het gelijknamige oratorium van G.F. Händel, Astromonte in de herontdekte opera Der Stein der Weisen, waaraan W.A. Mozart o.a. ook componeerde, als Palemone in Schuters opera Amor e Psiche en als laatste was hij in 2006 als Pedrillo / in Mozarts Die Entführung aus dem Serail (coproductie van het Göttinger Symfonie Orkest met het Duitse theater Göttingen) te horen. Voor de heropname van die Entführung aus dem Serail in november 2007 werd hij opnieuw uitgenodigd.

Andreas Post houdt zich sinds 1995 intensief bezig met de liedkunst samen met pianiste en liedbegeleider Tatjana Dravenau. In het kader van deze samenwerking zijn in 2002 en 2003 twee solo-CD’s van deze beide kunstenaars verschenen.
De veelzijdigheid en het uitgebreide repertoire van Andreas Post zijn op talrijke CD- en radio-opnamen vastgelegd.

Lees meer

Andreas Weller

Lees meer
koxvocaal

Arco Mandemaker

Arco Mandemaker studeerde hoofdvak zang aan het Rotterdams Conservatorium bij Sylvia Schlüter en Maarten Koningsberger en hoofdvak koordirectie bij Barend Schuurman. Naast zijn conservatoriumopleiding nam hij deel aan masterclasses van onder anderen Barbara Bonney, Hans-Peter Blochwitz, Carolyn Watkinson, Margreet Honig en Ian Bostridge. Na zijn zangstudie specialiseerde hij zich in de barokke uitvoeringspraktijk bij Howard Crook. Op dit moment wordt hij gecoacht door Jard van Nes.

Arco ontwikkelde zich tot een veelzijdig zanger met een repertoire dat alle stijlperioden omvat. Zo was hij ondermeer te horen in de Johannes- en Matthäus-Passion van Bach, de oratoria van Händel, Haydn en Mendelssohn-Bartholdy, Le Roi David van Honegger, het Requiem van Mozart, King Arthur van Purcell, de Petite Messe Solennelle van Rossini.

Als liedzanger verzorgde hij recitals met liederen van ondermeer Beethoven, Britten, Dowland, Haydn, Mozart, Schubert, Schumann, Wieck en Wolf.
In het voorjaar van 2010 maakte hij zijn debuut met het repertoire van de grote Italiaanse operacomponisten: Bellini, Donizetti, Puccini, Rossini, Tosti en Verdi.

In 2005 richtte hij de stichting “Musica Inaudita” op, een stichting die zich bezighoudt met de uitvoering van “ongehoorde” muziek. Tevens werd hij artistiek leider en dirigent van het professionele “Gombert Consort” en het semiprofessionele “Schütz Vocaal Ensemble”.

Lees meer
koxvocaal

Bernard Loonen

Studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij Meinard Kraak.
Van 1988 tot 1992 was hij regelmatig te gast bij William Christie’s ensemble “les Arts Florissants”, waar hij meewerkte aan operas,concerten, opnames en tournees door Europa, Noord Amerika en Japan.
Op het operatoneel zong hij rollen als Ferrando, Belmonte, Rinuccio, Tamino en Arnalta in Nederland, bij Opera Factory Zürich, tijdens de festivals van Aix-en-Provence, Innsbruck en Massachusetts, bij de Vlaamse Opera, Antwerpen, Théâtre Municipal de Lausanne en het Teatro Colón, Buenos Aires; de operas van Lyon en Montpellier, en in Théâtre des Champs Élysées, Beseto Opera, Seoul, Zuid-Korea
In Nederland zong hij bij het Radio Symfonieorkest, Radio Kamerorkest, Orkest van het Oosten, het Noordelijk Philharmonisch, Het Brabants Orkest, Rotterdams Philharmonisch, Nieuw Ensemble, de Volharding, Combattimento Consort, en de Nederlandse Bachvereniging. Onder dirigenten als Ed Spanjaard, Kenneth Montgomery, Arnold Oestman, Jos van Veldhoven, Paul McCreesh, René Jacobs.
Tevens is hij actief als concertzanger in een breed repertoire van Monteverdi tot Britten en Tippett.

In de barokmuziek zijn, naast de grote oratoria van met name Bach, de typische buffo-travestie rollen in “venetiaanse” operas tot de regelmatige werkzaamheden gaan behoren.
In de nieuwere muziek van nederlandse bodem was hij betrokken bij premières van composities van o.m. Klaas de Vries, Willem van Manen, Jan Bus, Peter Schat en Robert Heppener.

In 1993 richtte hij “The Lost Maples” op, een ensemble dat zich toelegt op vocale kamermuziek, dat optrad in Nederland, Zwitserland, Duitsland en België alsmede voor BBC Radio. In september 2001 brachten zij in Amsterdam een productie van Handel’s “Acis and Galatea”

Opvallende producties:
1998 evangelist/Mattheus Passion met het SWF Orchester olv. Michael Gielen te Freiburg, Liederen op Hebreeuwse teksten van Shostakovitch met het Radio Kamerorkest olv. Gabriel Chmura NPS-productie van Robert Heppener’s “een ziel van Hout”
2000 Benjamin Britten als de dominee in Peter Grimes bij de Nationale Reisopera; Madwoman in Curlew River tijdens Zeeland Nazomer Festivals te Middelburg.
2001 de mannelijke hoofdrol in de succesvolle nederlandse premiere van Poulenc’s “Les mamelles de Tiresias”, tevens op CD verschenen. Trad op in “Akhnaton” van Philip Glass, in de opvallende premiere van “Stalin en de smaak van paardehaver “ van Jan Bus, en zong Vaughan Williams’ “On Wenlock Edge” met Het Reizend Muziekgezelschap.
2002 debuut bij het Freiburger Barockorchester in Mozart’s “La finta giardiniera” ;als Linfea in Cavalli’s “la Calisto” aan de Deutsche Staatsoper Berlin; Purcell’s “The fairy Queen” te Salamanca.
2003 geënsceneerde versie van Leos Janacek’s cyclus “Dagboek van iemand die verdween” ; Nationaal Ballet productie met songs van Kurt Weill. Titelrol in de opera “Ibn Sina” gecomponeerd door Michiel Borstlap in opdracht van de Emir van Qatar, die in wereldpremière ging te Doha, in oktober 2003.
2004 Gerald Finzi’s “Dies Natalis” en Britten’s “Serenade”; Jazzoratorium (Erwin Schulhoff) met Ebony Band olv. Werner Herbers (2009 op CD uitgebracht door Channel Classics, Tamino in Mozart’s Zauberflöte bij Beseto Opera in Seoul, Korea.
2005: War Requiem (Britten), als Mao Tse Toeng in Nixon in China (John Adams).
Monteverdi’s Combattimento voor HTR-Televisie, Zagreb.
November 2005 Stravinsky’s In memoriam Dylan Thomas bij het Nationaal Ballet
2006: Nederlandse Bachvereninging (Handel/ Esther); Tamino (Zauberflöte) op tournee door Nederland; Purcell/ Fairy Queen (Malaga)
En verder:Met het Nederlands Blazers Ensemble producties van Mozart’s Zauberflöte (2006) en Cosi fan tutte (2007), en van Rossini de Barbier van Sevilla en Il Turco in Italia (2008).
2010: evangelist in de Mattheus Passion met de Academy of Ancient Music o.l.v. Richard Egarr.

Lees meer
koxvocaal

Daniel Van Kessel

Na zijn studie Bedrijfseconomie besloot Daniël van Kessel in 2004 voor zijn passie te kiezen en zang te gaan studeren aan het Rotterdams Conservatorium bij Roberta Alexander, Carolyn Watkinson en Frans Huijts waar hij in 2009 afstudeerde. Momenteel studeert Daniël bij Howard Crook. Coaching kreeg hij onder andere van Vinson Cole, Claron McFadden, Nico van der Meel, Alison Pearce en Udo Reinemann.

Daniël is ondertussen een veelgevraagd oratoriumzanger gespecialiseerd in het barokrepertoire, met name Bach en Händel.

Naast oratorium heeft Daniël ook in vele opera’s gezongen. In 2009 zong Daniël onder leiding van Glenn Wilson de rol van Lucano in Monteverdi’s L’incoronazione di Poppea bij de Nieuwe Opera Academie en – in de zomer – een solopartij in Purcell’s Fairy Queen onder leinding van Claron McFadden en Alessandro Pianu. In januari 2010 zong Daniël de rol van Mayor in Britten’s Albert Herring, onder leiding van Jon Berman en Alexander Oliver. Tijdens het festival “Flagstaff in Fidenza” (Italië) zong Daniël scènes uit Rossini’s Barbiere de Siviglia. Daniël ontving daarvoor een beurs van het Prins Bernhard Cultuurfonds.

Ook zong Daniël als solist in de Cantate No. 4 van Bach onder leiding van Sir Roy Goodman en als haute-contre in “Le reniement de St. Pierre” (Charpentier) en het Requiem van Jean Gilles.

Het afgelopen jaar zong Daniël de tenorsolo’s in The Messiah met het Residentie Bach Ensemble onder leiding van Jos Vermunt. Daarnaast zong Daniël zowel de Evangelist als de aria’s in de Johannes, Lukas en de Matthäus Passion. Daniël sloot het Passieseizoen af in de Oosterpoort te Groningen als Evangelist in de Matthäus Passion onder leiding van Geert-Jan van Beijeren Bergen en Henegouwen.

Lees meer
koxvocaal

Erik Janse

De tenor Erik Janse soleert veel in oratorium- en cantateconcerten. Naast de tenor-aria’s in de Passionen heeft hij in zo´n 40 Bach cantates gezongen, in de Messiah van Händel en in diverse Missen en het Requiem van Mozart. Een hoogtepunt was zijn vertolking van de Evangelist in beide Bach-Passionen.

Ook in het romantische repertoire soleerde hij, zoals in de Petite Messe Solennelle van Rossini, de Messa di Gloria van Puccini, de Misa Criolla van Ramirez en de Nicolas cantate van Britten. Verder trad hij op met de liedcycli Dichterliebe van Schumann, Schöne Müllerin en de Winterreise van Franz Schubert.

Ook zong hij hedendaags Nederlands werk zoals Nova Zembla van Sylvia Maessen en Orkestliederen en Vasalisliederen van Gijs Meeusen.

Erik werkte als solist samen met onder meer de dirigenten Gijs Leenaars, Bas Ramselaar, Thijs Kramer, Ruud Huijbregts en Cor Brandenburg. In het verleden maakte hij deel uit van enkele ensembles, kamer- en concertkoren. Hij studeerde zang bij Sasja Hunnego en Pierre Mak. Nu wordt hij gecoacht door Evert Jan Nagtegaal en operatenor Marcel Reijans.

Lees meer
loon

Falco Van Loon

Tenor Falco van Loon begon al vroeg met zingen. Bij zijn eerste koor heeft hij al op jonge leeftijd ervaring mogen opdoen als solist. Falco studeerde aan de conservatoria van Enschede en Arnhem bij Annette Kleine, Harry van Berne en Lodewijk Meeuwsen. Deze opleiding rondde hij met goed gevolg in 2007 af. Daarna studeerde hij nog een jaar aan de Messiaen Academie en later volgde hij lessen bij Meinard Kraak en Frans Fiselier. Masterclasses werden gevolgd bij onder andere Marien van Nieukerken, Breda Zakotnik, Pierre Mak, David Wilson-Johnson, Bernard Loonen en Meinard Kraak. Momenteel wordt hij gecoacht door Gemma Visser.

Falco is in korte tijd uitgegroeid tot een veelgevraagd solist. Hij heeft reeds vele concerten gegeven met muziek uit diverse stijlen door de eeuwen heen. Naast het Weihnachtsoratorium en vele andere cantates van J.S. Bach oogstte hij met name veel succes met de rol van Evangelist in de verscheidene passies. Naast het repertoire van J.S. Bach zong Falco in diverse oratoriumwerken, waaronder het Requiem van Mozart, de Elias van Mendelssohn, het Stabat Mater van Haydn en Schubert, de Petite Messe Solennelle van G. Rossini en andere grote werken. Veel waardering kreeg hij bij zijn vertolkingen in de liedkunst en ander concertrepertoire, waaronder de Serenade en de Nicolas Cantate van B. Britten.

Sinds 2008 heeft Falco parttime een vaste aanstelling bij het Groot Omroep Koor. Daarnaast zingt hij regelmatig zowel solo als in koorverband bij verschillende professionele ensembles.

Lees meer

Frank Fritschy

Frank Fritschy is zonder twijfel één van de meest veelzijdige concertzangers die Nederland rijk is. Zo heeft hij niet alleen een heel uitgebreid repertoire opgebouwd dat muziek omvat van de vroege barok tot en met de 20e eeuw, maar ook de muziekgenres die hij zingt zijn zeer divers. Zo weet hij zijn flexibele stem moeiteloos aan de muziekstijl aan te passen of het nu gaat om de snelle coloraturen in de barokmuziek of het rauwe en cabareteske klankidioom van Kurt Weill; het subtiele tekstgebruik bij de liederen van Schubert of de grote vocale lijnen bij opera; ja zelfs het lichte repertoire is hem niet vreemd.

Door deze veelzijdigheid zong hij met de meest uiteenlopende artiesten als: Ulrik Gold, Emma Kirkby, Ernst Daniël Smid en Katinka Hart en onder dirigenten als Reinbert de Leeuw, Philippe Herreweghe, Ed Spanjaard, Jos van Immerseel en Lucas Vis.

Frank Fritschy begon zijn zangstudie bij de bekende Annie Hermes en studeerde vervolgens aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Nog vóór zijn concervatorium-studie maakte hij reeds zijn debuut als concertzanger.
Vervolgens boekte hij successen tijdens de eerste Matthäus Passion in Zuid Amerika en tijdens grote muziekfestivals in Barcelona, Moskou en München. Hij stond op podia in bijna alle Europese hoofdsteden zoals recentelijk nog in Praag, Wenen en Bratislava.

Hij was te horen en te zien op radio en tv in o.a. Frankrijk en Bulgarije, en maakte vele CD opnames. (o.a. in de eerste Matthäus Passion opname met het Holland Boyschoir). Verder zingt hij in binnen en buitenland regelmatig liedrecitals met een voorliefde voor het Duits-romantische repertoire. Hij was enkele jaren als leraar verbonden aan de Hoge School voor de Kunsten in Arnhem.

Frank Fritschy’s veelzijdigheid uit zich ook in een brede interesse. Zo houdt hij zich in zijn schaarse vrije tijd bezig met tuinarchitectuur en landschapsinrichting.

Lees meer

Gerben Houba

De tenor Gerben Houba zingt al zijn hele leven. Op zeventienjarige leeftijd inspireerde zijn muziekleraar Cees Mobach hem om zanglessen te nemen. Zijn huidige coaches zijn Marcel Reijans en Paul Triepels, daarvoor studeerde hij zang bij Geert Berghs. Hij volgde masterclasses bij Margeet Honig en Kurt Equiluz en bij regisseur Maarten Vonk volgde hij acteer- en bewegingslessen. In 2010 ontving hij op het Peter de Grote Festival in Groningen de Honorary Award for outstanding Musicianship. Als concertsolist maakte hij in 2007 zijn debuut in de grote zaal van het concertgebouw met werk van Helmut Barbe. Verder zong hij Strawinsky’s Cantata en The Voynich Cyphermanuscript van Hans-Peter Kyburz. Dit laatste stuk bracht hij ten gehore in de grote zaal van Cite de la Musique in Parijs. Naast de meer hedendaagse muziek is Gerben ook regelmatig als solist te beluisteren in traditionele oratoria van componisten als Mozart, Händel en Bach. Van Bach staan naast veel arias ook de evangelistpartij in zowel de Johannes Passion als de Matthäus Passion op zijn repertoire.

Op het gebied van opera soleerde hij in diverse producties, zoals de titelrol in Orfeo van Monteverdi, in Thyeste van Jan van Vlijmen en in 2009 de titelrol in Dichtertje, een nieuw geschreven opera van Harke-Jan van der Meulen, naar de gelijknamige novelle van Nescio.

Gerben maakt deel uit van het vocaal kwartet Quatre Bouches. Verder is hij als remplaçant verbonden aan het Groot Omroepkoor en maakt hij sinds 1995 deel uit van de vaste bezetting van Cappella Amsterdam onder leiding van Daniel Reuss.

Lees meer
koxvocaal

Harry Van Berne

Studeerde cello en solozang aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam. Verdere studie werd gevolgd bij o.a. Margreet Honig in Amsterdam en Anthony Rolfe Johnson in London. Harry van Berne is een veelgevraagd solist in opera, op concerten en oratoriumuitvoeringen. Tevens geeft hij liederenrecitals, daarbij begeleid door piano of luit.

Als solist wordt Harry geïnviteerd om te concerteren, naast de concerten in eigen land en de andere landen van West-Europa, o.a. in de USA, het Midden-Oosten, Japan en Zuid-Amerika. Zijn uitgebreide repertoire omvat werken uit alle stijlperiodes: van de vroege Middeleeuwen tot en met composities van eigentijdse muziek, waarvan sommige speciaal voor hem werden geschreven. Naast zijn solistische activiteiten heeft ook de professionele ensemblezang zijn aandacht, gezien de verbintenissen met het Nederlands kamerkoor (2e helft jaren ‘80) en (op dit moment) de solistisch bezette, internationaal gereputeerde ensembles: Quink, Gesualdo Consort en het Huelgas Ensemble. Ook geeft Harry regelmatig cursussen en workshops over specifieke onderwerpen of stijlperiodes, zowel voor solozangers als voor ensembles.

Hij is als dirigent werkzaam en als hoofdvakdocent solozang is Harry verbonden aan het ArtEZ conservatorium. Harry werkte als solist reeds met vele bekende dirigenten en orkesten samen, waaronder René Jacobs, Philippe Herreweghe, Jos van Immerseel, Ton Koopman, Michael Schneider, Jaap van Zweden, Arnold Östman, Jos van Veldhoven en Reinbert de Leeuw, The Amsterdam Baroque Orchestra, La Stagione Frankfurt, het NedPho en het Schönberg Ensemble, De Vlaamse Philharmonie en het Orchestre des Champs Elysées.

Lees meer
koxvocaal

Henk Gunneman

Henk Gunneman studeerde zang en piano aan het Conservatorium te Groningen.
In zijn studietijd, waarin hij lessen genoot van Grethe de Vink, volgde hij o.a. zang- en interpretatiecursussen bij Max van Egmond en Thom Bollen. Na zijn UM diploma vervolgde hij zijn opleiding in Engeland bij oude muziek specialist Nigel Rogers en na die periode aan de Britten-Pears School for Advanced Musical Studies te Aldeburgh waar hij lessen kreeg van Diana Forlano en Anthony Rolfe Johnson.

Na een aantal jaren privé-lessen te hebben gevolgd bij Margreet Honig te Amsterdam en Ronald Klekamp te Haarlem bekwaamt hij zich nu bij Matthijs Mesdag te Zaandam. Christoph Prégardien coachte hem met de interpretatie van Bach’s evangelistenpartijen.

Henk heeft zich een breed repertoire eigengemaakt en wordt als solist veel gevraagd voor oratorium concerten in het land. Hij heeft zich gespecialiseerd in de grote Passionen en Cantates van J.S.Bach waarin hij vooral als evangelist maar ook in de aria’s veelvuldig te horen is.
Hij zong onder meer in de oratoria van Händel zoals de ‘Messiah’, ‘Judas Maccabeus’ en ‘Israël in Egypt’; het ‘Requiem’ en diverse Missen van Mozart; ‘Die Schöpfung’ en het ‘Stabat Mater’ van Haydn; ‘Oratorio de Noël’ van Saint-Saëns en de ‘Saint Nicolas Cantata’ van Benjamin Britten en in nog vele muziekstukken van andere bekende en minder bekende componisten.

Hij werkte met diverse dirigenten zoals Erik van Nevel en Jos van Veldhoven en met orkesten als het Gelders Orkest, Il Concerto Barocco en Florilegium Musicum.

Sinds 1992 maakt hij als ensemblezanger deel uit van ‘The Amsterdam Baroque Choir’ o.l.v. Ton Koopman waarmee hij concerten gaf in diverse Europese landen zoals Italië, Spanje, Frankrijk, Duitsland, Polen en Zweden en tournees maakte naar Amerika en Japan. Tevens zingt hij regelmatig met het Nederlands Kamerkoor, Cappella Amsterdam en het Groot Omroepkoor.

Bij de Nederlandse Opera vertolkte hij solistische en ensemble rollen in ‘Die Glückliche Hand’ van Arnold Schönberg, ‘Die Meistersinger’ van Richard Wagner en ‘Die Soldaten’ van B.A.Zimmermann. Bij Opera Zuid werkte hij mee aan een ‘Dido & Aeneas’ productie van Henry Purcell.

Sinds 2001 maakt hij deel uit van het mannenensemble ‘Men’s Voices’ waarmee hij o.a. in Nederland, België, Luxemburg en Duitsland close harmony optredens verzorgt met speciaal voor dit ensemble gearrangeerde muziek uit het retro-repertoire van de twintiger tot vijftiger jaren.

Lees meer

James Doing

Lees meer
koxvocaal

Jan-willem Schaafsma

Jan-Willem Schaafsma studeerde aan het Koninklijk Conservatorium bij Rita Dams, Barbara Pearson en Diane Forlano, en haalde in 2004 zijn masterdiploma aan De Nieuwe Opera Academie. Daarna werd hij gecoacht door Marcel Reijans en Ira Siff.
Hij vertolkte verscheidene rollen in het kader van De Nieuwe Opera Academie. Na zijn master zong hij o.a. Lysander in A Midsummer Night’s Dream (Britten) en Belmonte uit Die Entführung aus dem Serail (Mozart) en Dr. Cajus in Falstaff (Verdi) in het kader van het IVAI-festival in Tel Aviv.
In 2006 trad hij op in de NPS-zaterdagmatinee Fanciulla del West (Puccini) o.l.v. Edo de Waart. Bij de Nationale Reisopera was hij te zien in La Barca (Banchieri) en speelde hij de titelrol in Candide (Bernstein).

Onder leiding van maestro Ed Spanjaard speelde Jan-Willem Fabrizio in Mirandolina (Martinů, Opera Trionfo) met het Nieuw Ensemble. Bij De Nederlandse Opera was hij te zien in Platée (Lully), Deidamia (Händel) en Die Meistersinger von Nürnberg (Wagner).

Jan-Willem vertolkte de aria’s in de eerste Matthäus Passion (Bach) die Reinbert de Leeuw dirigeerde, met het Limburgs Symfonie Orkest. Zijn concertrepertoire bevat verder onder meer Messiah (Händel), Johannes Passion, Weihnachtsoratorium (Bach), Requiem en verscheidene missen van Mozart, alsmede Petite Messe solennelle (Rossini), Stabat Mater (Dvořák), St. Nicolas Cantata (Britten) en vele andere werken.

Jan-Willem werkte onder dirigenten als Ed Spanjaard, Edo de Waart, Ivor Bolton, Kenneth Montgomery, José Esandi, Wouter Padberg en Reinbert de Leeuw.

Verder maakt hij ook deel uit van de succesvolle vocale groep Frommermann: vijf mannenstemmen, piano en gitaar met muziek van o.a. de Comedian Harmonists.

Lees meer

Jean Léon Klostermann

Jean-Léon Klostermann begon zijn zangstudie in 1998 aan het Utrechtse Conservatorium bij Henny Diemer. Aanvankelijk combineerde hij zijn muzikale carrière met een baan als manager in het bedrijfsleven. Vanaf een optreden als Tamino in Mozarts “Zauberflöte” in een productie van de Nieuwe Opera Academie in 2002 heeft hij zich volledig op het musiceren toegelegd. Hij volgde Masterclasses bij o.a. Mark Tucker en Anthony Rolphe-Johnson en dramalessen bij Janet Aster en Vladimir Koifmann.

Jean-Léon Klostermann treedt veelvuldig op als concertzanger. Tot zijn repertoire behoren werken van alle bekende en concert- en oratoriumcomponisten. Hij zong bijvoorbeeld onder leiding van Roy Goodman met Bachkoor Holland de aria’s uit de Matthäuspassion en de Hohe Messe. Verder trad hij diverse malen als tenorsolist op bij Zaterdag Matinee
Concertgebouw, bijvoorbeeld als Trin in Puccini’s “La Fanciulla del West” onder leiding van Edo de Waart en als Ulrich Eisslinger in ‘Die Meistersinger’ o.l.v. Jaap van Zweden.

Op het operatoneel zong hij de titelrollen in Monteverdi’s “L’Orfeo”, in Nino Rota’s “Alladin und die Wunderlampe” (Vlaamse Opera), in Kunnecke’s “Der Vetter aus Dingsda” (De Nieuwe Nederlandse Operette) en in Conti’s “Don Chisciotte in Sierra Morena” (Opera aan het IJ). In september 2008 debuteerde hij bij De Nederlandse Opera als “Erscheinung eines Junglings” in de opera Die Frau ohne Schatten van Richard Strauss. In mei 2009 maakt hij zijn debuut bij de Nationale Reisopera in ‘Hyppolite et Aricie’. Bij de Nederlandse Opera keert Jean-Léon dit seizoen weer terug als ‘Jude’ in ‘Salome’ (Richard Strauss) en vervolgens als ‘Trin’ in ‘La Fanciulla del West’ (Puccini). In mei 2010 zong hij de rol van keizer Altoum (Puccini; Turandot) bij de Nederlandse Opera. In april 2011 zong Jean-Léon de rol van Koning, in ‘De Hexen van Venetië’, een kinderopera van Glass in Het Muziektheater te Amsterdam.

Lees meer
koxvocaal

Jeroen De Vaal

Jeroen de Vaal studeerde aan het conservatorium te Utrecht bij Eugénie Ditewig en volgde daar de operaklas bij Monique Wagemakers en Jan Slothouwer.
Na zijn studie volgde hij lessen bij Eric Tappy te Lausanne en bij Marcel Reijans.
Masterclasses volgde Jeroen onder meer bij Jard van Nes, Udo Reinemann en Jon Thorsteinsson. Op dit moment wordt hij gecoacht door de tenor Valentin Jar.

Jeroen de Vaal werkte in operahuizen als De Nederlandse Opera, Opera Zuid, De Vlaamse Opera, De Munt, Opéra National de Lyon, Opéra national du Rhin, Le Grand Théâtre de Luxembourg, de Wiener Kammeroper en Theater an der Wien, waar hij werkte met dirigenten als Hartmut Haenchen, William Christie, Ivor Bolton, Daniel Hoyem-Cavazza, Gérard Korsten, Peter Dijkstra, Gijs Leenaars en Boudewijn Jansen.
Hij werkte onder meer met de volgende regisseurs: Pierre Audi, Adrian Noble, Laurent Pelly, Francois Girard, Waut Koeken, Wim Trompert, Andreas Homoki, Guy Cassiers, Vincent Boussard, Willy Decker en Claus Guth.

In seizoen 2010-2011 zong hij de rol van Squeak in Billy Budd Bij De Nederlandse Opera onder leiding van Ivor Bolton en eerder in dat seizoen Die Soldaten van Zimmermann gedirigeerd door Hartmut Haenchen. In december 2010 zong Jeroen ook de rol van 3.Knappe in de Matinee concertserie in het Concertgebouw onder leiding van Jaap van Zweden tijdens een concertante uitvoering van Wagner’s Parsifal
In seizoen 2011-2012 zong hij onder andere de rol van Carlo in “Der Turm” (Claude Lenners) aan het Grand Théâtre van Luxemburg onder leiding van Jean Deroyer, Orfeo (pastore/spirito/eco) in Theater an der Wien, gedirigeerd door Ivor Bolton en zong Jeroen in Parsifal (4. Knappe) in bij DNO, met het Koninklijk Concertgebouworkest, onder leiding van Ivan Fisher en in de regie van Pierre Audi.

Dit seizoen staat onder meer een productie in België en Frankrijk op het programma, Princesse Turandot, geproduceerd door Walpurgis en geregisseerd door Judith Vindevogel en zal hij wederom te horen en te zien zijn in een productie van De Nederlandse Opera, Die Meistersinger von Nürnberg, gedirigeerd door Marc Albrecht en geregisseerd door David Alden.

Jeroen is een veelgevraagd concertzanger en is dan ook regelmatig te horen in J.S. Bach’s Passionen en Cantaten, de Hohe Messe en het Weihnachts-oratorium. In 2011 werd hij uitgenodigd om in Slovenië “Die Jahreszeiten” van Haydn met het Slovenian RTV Orchestra.
Op het gebied van kamermuziek maakt Jeroen deel uit van Frommermann en samen met pianiste Shuann Chai en sopraan Tamar Niamut geeft Jeroen regelmatig concerten met diverse lied programma’s.

Lees meer
koxvocaal

Livio Gabrielli

De Italiaanse tenor Livio Gabrielli voltooide zijn studie bij Jane Mengedoht aan het Conservatorium
van Zürich, waar hij tevens afstudeerde voor het opera- en concertdiploma.
Tijdens zijn studie bereikte hij de halve finale van het internationale zangconcours “Francisco Viñas“
in Barcelona, zong hij de hoofdrol in “Der Graf von Luxemburg” van Lehár en maakte als Tamino
een tournee van 100 voorstellingen in Mozart’s “Zauberflöte”.

De afgelopen jaren trad hij op als solist in Zürich, Basel, Italië, Frankrijk (Festival de Nantes) en Bilbao (dir. Michel Corboz), Genève (Victoria-Hall) en uiteraard ook op diverse Nederlandse podia, waaronder het Concertgebouw in Amsterdam. Hij zong hoofdrollen in o.a. “Viva la mamma” van Donizetti, op uitnodiging van de Hoofdstadoperette Amsterdam een seizoen lang de rol van Tassilo in “Gräfin Mariza” van Kálmán, vervolgens in Basel de rol van Paris in “La belle Hélène“ van Offenbach, Ferrando in “Cosi fan tutte” van Mozart bij Opera Trionfo, Elvino in “La Sonnambula” van Bellini en in Duitsland nogmaals “Die Zauberflöte”.
De rol van Fenton in Verdi’s opera “Falstaff” zong hij tijdens een tournee in Italië met als hoogtepunt een voorstelling in het theater Regio di Parma. Daarna werd zijn repertoire verrijkt met de titelrol in “Ernani”, Oronte in “I Lombardi”, Ismaele in “Nabucco” en Alfredo in “La Traviata” (o.l.v. Arjan Tien) van Verdi en Turiddu in “Cavalleria rusticana” van Mascagni.
Tevens trad hij met het Orkest der Lage Landen o.l.v. Walter Proost verscheidene malen in België op met het programma “Hommage à Mario Lanza”.

Ook als oratoriumzanger is hij een veelgevraagd solist. Tot zijn repertoire behoren de belangrijkste werken van Bach, Händel, Mozart, Schubert, Mendelssohn, Rossini, Puccini, Verdi, Berlioz, Gounod, Martin, Honegger, Orff. Werken die hij regelmatig zingt zijn o.a. de “Petite Messe Solennelle“ van Rossini, de “ Messa di Gloria” van Puccini en het Requiem van Verdi.

Geboren en opgegroeid in een tweetalige en culturele omgeving, profileert hij zich sinds enige jaren steeds meer in het romantische Franse en Italiaanse lyrische repertoire, met een speciale affiniteit voor het werk van Puccini.

Livio Gabrielli geniet het grote voorrecht begeleid te worden door Gemma Visser en Nicolai Gedda.

Lees meer
koxvocaal

Marcel Reijans

Marcel Reijans is één van Nederlands toonaangevende tenoren. Al sinds 1994 is hij actief op nationale en internationale podia in opera, oratorium en kamermuziek en zijn repertoire strekt zich uit van barok tot en met muziek uit de 21ste eeuw. Hij wordt geprezen om zijn vertolkingen van lyrische rollen in Mozart, Strauss en Wagner en hij zong in vele vooraanstaande operahuizen over de hele wereld: Brussel, Parijs, Berlijn, Genève, Hamburg, Dresden, BadenBaden, Lyon, Aix-en-Provence, Montpellier, Marseille, Barcelona, New York, Boston, Philadelphia, Palermo, Turijn, Bologna en Antwerpen.

Reijans zong meer dan 65 operarollen en beheerst een zeer divers operarepertoire waaronder rollen als Erik in ‘Der fliegende Holländer’, Narraboth in ‘Salome’, Matteo in ‘Arabella’, Max in ‘Der Freischütz’, Tamino in ‘Die Zauberflöte’, Grigory in ‘Boris Godunov’, Walther von der Vogelweide in ‘Tannhäuser’, Tom Rakewell in ‘The Rake’s Progress’, Loge in ‘Das Rheingold’, Fenton in ‘Falstaff’, Chevalier de la Force in ‘Dialogues des Carmélites’, Le Prince Philippe in ‘Yvonne, Princesse de Bourgogne’, Anatol in ‘Vanessa’, Camille in ‘Die Lustige Witwe’, Candide in ‘Candide’, Andres in ‘Wozzeck’, Kudrias in ‘Kát’a Kabanova’, Paris in ‘King Priam’, Don Ottavio in ‘Don Giovanni’ en Ferrando in ‘Così fan tutte’.

Hij zong onder andere met het Chicago Symphony Orchestra, Boston Symphony Orchestra, BBC National Orchestra of Wales, Hong Kong Philharmonic, Dallas Symphony Orchestra, Staatskapelle Dresden, Birmingham Symphony Orchestra, NDR Sinfonieorchester, Concerto Köln, Göteborgs Symfoniker en Orchestre Philharmonique du Luxembourg.

Hij werkte samen met dirigenten als Yves Abel, Daniel Barenboim, Bertrand de Billy, Frans Brüggen, Semyon Bychkov, Riccardo Chailly, Christoph Eschenbach, Peter Eötvös, Valery Gergiev, Hartmut Haenchen, Thomas Hengelbrock, René Jacobs, Philippe Jordan, Ton Koopman, Sir Simon Rattle, Seiji Ozawa, Edo de Waart, Simone Young en Jaap van Zweden.

In Nederland werkte Reijans met vrijwel alle professionele orkesten (o.a. Koninklijk Concertgebouworkest, Rotterdam Philharmonisch Orkest, Residentie Orkest, Radio Filharmonisch Orkest, Gelders Orkest, Orkest van het Oosten, Het Brabants Orkest, Limburgs Orkest) en zong hij vele rollen bij De Nederlandse Opera, de Nationale Reisopera, Opera Zuid en de NTR ZaterdagMatinee.

Ook op het concertpodium is zijn repertoire zeer omvangrijk. Zo zong hij onder andere Bachs ‘Hohe Messe’, aria’s en evangelist in ‘Johannes Passion’ en ‘Matthäus Passion’, Händels ‘Messiah’ en ‘La Resurrezione’, Mozarts ‘Requiem’, ‘Krönungsmesse’ en “Der Messias’, Haydns ‘Die Schöpfung’, Beethovens ‘Symphony No. 9’, Mendelssohns ‘Elias’, ‘Paulus’ en ‘Die erste Walpurgisnacht’, Rossini’s ‘Petite Messe Solennelle’, Liszts ‘Faust Symphony’, Verdi’s ‘Requiem’, Berlioz ‘L’Enfance du Christ’, Rachmaninovs ‘The Bells’, Mahlers ‘Das Lied von der Erde’, Brittens “Serenade for Tenor and Horn’ and Tippetts ‘Child of our time’.

In 2013 zingt hij vele roldebuten met repertoire van Richard Wagner: Erik in ‘Der fliegende Holländer’ (Teatro Comunale di Bologna), Loge in ‘Das Rheingold’ (Rheingold op de Rijn) en Baroncelli in ‘Rienzi’ met het Schleswig Holstein Festival op tournee in China.

Tot zijn andere engagementen behoren de rollen van Froh in ‘Das Rheingold’ (Liceu Barcelona en De Nederlandse Opera) en Graf Elemer in ‘Arabella’ (De Nederlandse Opera). In concert zingt hij onder andere Verdi’s ‘Requiem’, Bachs ‘Hohe Messe’, Bruckners ‘Te Deum’ en Diepenbrocks ‘Te Deum’.

Na het voltooien van de studies Politicologie en Communicatiewetenschap studeerde Marcel Reijans in Amsterdam aan het Sweelinck Conservatorium, in Philadelphia aan het Curtis Institute of Music en in San Francisco aan het Merola Opera Program. In 1996 won hij het Cristina Deutekom Concours en in 1997 vertegenwoordigde hij Nederland bij de Cardiff Singer of the World Competition.

Naast zijn drukke solocarriere richtte Marcel Reijans in 2005 het vocale ensemble Frommermann op en was acht jaar lang zakelijk en artistiek leider. Frommermann behoort inmiddels tot de top van de Nederlandse kamermuziek op het grensgebied van lichte en klassieke muziek. De groep (vijf zangers, gitaar en piano) vertolkt een breed repertoire variërend van Schubert tot en met cabareteske liederen uit het interbellum en moderne popsongs.

Marcel Reijans is gastdocent aan het Koninklijk Conservatorium van Den Haag en het Prins Claus Conservatorium in Groningen. Sinds 2009 is hij als docent verbonden aan het Peter de Grote Festival in Groningen.

Lees meer
koxvocaal

Marten Smeding

Marten Smeding was eerst amateur-zanger, die naast het beroep van onderwijzer veel optredens verzorgde met liedrepertoire van Duitse en Franse componisten.
Bij deelname aan het Internationaal Vocalistenconcours te Den Bosch haalde hij de halve finale.

Langzamerhand schoof hij op in de richting van het oratoriumvak, met vooral veel evangelistpartijen in de Bach passionen. Zanglessen en coaching ontving hij o.a. van :
Maria Pluister-Leentvaar, Gé Neutel, Bernhard Kruysen, Robert Holl en Henk Smit.
Vanaf 1991 vestigde Marten Smeding zich als professioneel freelance zanger.

Al spoedig zong hij vele kleine rollen bij de Nederandse Opera en enkele partijen in de Vara matinée. Daarna volgde ook het buitenland (o.a. Frankfurt am Main en het Théatre Royal de La Monnaie te Brussel).

Zijn voorzichtige opschuiven van liederen, via oratorium naar opera, is het gevolg van een gestage stemontwikkeling. Bij de aanvang van zijn zangcarrière schreef een recensent nog: “Een heldere, lichte tenorstem, bijna tegen het timbre van een countertenor aan”. Later verscheen een verslag over de opera “Merlijn” waarin Marten Smeding de rol van koning Arthur zong en waarbij men zelfs sprak van een “heldentenor”.

Opmerkelijk is dat Marten Smeding, hoewel nu in hoofdzaak operazanger, toch ook regelmatig teruggrijpt naar waar het begon: de liederen en het oratorium. Hij is daarmee één van de weinige tenoren die in dit soort partijen de dramatische wendingen ten volle kan benutten en niettemin toch ook de lichtere facetten aan bod kan laten komen.

Als liedzanger werkt Marten Smeding samen met de pianisten Wim Stoppelenburg (in Duits en Frans repertoire, maar ook in composities van Stoppelenburg zelf), Han-Louis Meijer (met veelal Oost-Europese componisten alsmede Belcanto-repertoire) en Arjan Breukhoven (met wie hij ook enkele CD’s maakte).

Als operazanger zong hij hoofdrollen in opera’s van Mozart (Idomeneo) Donizetti (L‘Elisir d’amore) Gounod (Faust) Beethoven (Fidelio) Strauss (Ariadne auf Naxos), Verdi ( Aida en La Traviata) en Wagner (Der fliegende Holländer).

Gedurende zijn carrière werkte Marten Smeding samen met dirigenten als: Simon Rattle, Edo de Waard, Hartmut Haenchen, Antonio Papano, Valery Gergiev, Ricardo Chailly en Kazushi Ono.

In het seizoen 2008-2009 zong hij zeer veel concerten met o.a. Bach (de passionen), Britten (Nicolas Cantate), Mendelssohn (Paulus en Elias), Dvorak (Requiem en Stabat Mater), Beethoven (o.a.vier keer de Negende Symphonie met het Gelders Orkest) en Verdi (Requiem).
Inmiddels verscheen ook een DVD waarop Marten Smeding te zien is, o.a. in Turandot (o.l.v. Chailly) en Chovantsjina (o.l.v. Ono)

Lees meer
koxvocaal

Mattijs Hoogendijk

Mattijs Hoogendijk voltooide zijn zangstudie in Zwolle cum laude. Het programma bestond uit Dichterliebe van Robert Schumann en Tamino uit Mozart’s Zauberflöte. Mattijs had les van Felix Schoonenboom en vervolgde zijn studie bij Cora Canne Meijer.

Met zijn soepele, lyrische geluid en gemakkelijke hoogte heeft Mattijs zich ontwikkeld tot een veelzijdig zanger met een evenzo veelzijdig repertoire. Mattijs stond in verschillende operaproducties waaronder “Figaro!”, van Opera Nijetrijne, King Arthur (Purcell) en Orfeo (Claudio Monteverdi). Hij was te horen in muziektheaterproducties als “Jonah the Naysayer” (Willem Breuker), “William and Mary” en “Purcell Gala”. Komend seizoen staan zomerfestivals in Frankrijk en een tournee langs de Nederlandse theaters met “Händel Revue” van Barokopera Amsterdam op stapel.

Op het gebied van oratorium soleerde Mattijs in o.a. de Maria Vespers van Monteverdi, de Messiah, het Mozart Requiem, Rossini’s Petite Messe Solennelle en de Bach Passionen. Zo zong hij de evangelist in een Johannes Passion onder leiding van Nico van der Meel en Bachcantates met Die Kölner Akademie in Istanbul.

Vergezeld door zijn vrouw Sonia Bjornsen en begeleid door luitist Lex van Sante staat Mattijs binnenkort op de planken met muziek van Dowland, Byrd en Ciconia.

Mattijs is regelmatig te zien en te horen in producties van het Nederlands Kamerkoor en Capella Amsterdam. Hij toerde met Bach Collegium Japan door Europa en de Verenigde Staten en was als solist te horen in concerten en radio-opnames met Reinbert de Leeuw, Nikolaus Harnoncourt en Risto Joost.

Lees meer

Patrick Henckens

Sinds zijn debuut in 2006 in „Le Nozze di Figaro“ onder Nikolaus Harnoncourt is de lyrische tenor Patrick Henckens jaarlijks te gast bij de Salzburger Festspiele. Ook in 2011 was hij hier weer als Basilio te horen. Bij de Händel Festspiele van het Badische Staatstheater in Karlsruhe is hij eveneens een graag geziene gast. Dit seizoen debuteerde hij als Tamino aan het Teatro Colón in Buenos Aires.

Patrick Henckens studeerde aanvankelijk schoolmuziek en orkestdirektie, daarna solozang bij Mya Besselink aan het Maastrichts Conservatorium. Het winnen van twee prijzen bij het Christina Deutecom concours in Enschede stelde hem in staat te studeren bij Stuart Burrows in Cardiff. Na zijn studie werd hij aan de theaters van Gelsenkirchen, Heidelberg en Bonn gecontracteerd. Het zwaartepunt van zijn repertoire vormen de lyrische Mozart rollen; Tamino, Belmonte, Ferrando, Arbace, en Oebalus. Als Conte d’Almaviva in „Il barbiere di Siviglia“, een rol, die hem op het lijf geschreven is, was hij in Bonn, Essen en aan de Komische Oper in Berlijn te horen. Naast vele andere rollen en diverse rollen in opera’s van Händel completeren ook zelden gespeelde barokopera’s het veelzijdige repertoire van Patrick Henckens: Don Pedro in „L’Europe galante“ van Campra, Castor in „Castor et Pollux“ van Rameau, Medoro in „Orlando furioso“ van Vivaldi en Policares in „Die großmütige Tomyris“ van Keiser.

Patrick Henckens was wereldwijd te gast op vele festivals, o.a in Wiesbaden, Halle, Rheingau, Eisenstadt, Lourdes, Luzern, Salzburg en Japan.

Als concertzanger werkte Patrick Henckens in het binnen- en buitenland met vele gerenommeerde dirigenten. Zo zong hij het Weihnachtsoratorium en Magnificat in München onder Enoch zu Guttenberg, Paulus onder Bruno Weil, Elias onder Wolfgang Gönnenwein, het Weihnachtsoratorium ook in Köln, Malmö en in Leiden onder Paul Goodman, „Leonore“ van Beethoven in Bonn onder Peter Gülke, Mozart’s Krönungsmesse in Strasbourg onder Christoph Spering, Schumann’s „Das Paradies und die Peri“ in Turijn oder Jeffrey Tate en „Szenen aus Goethes Faust“ in Salzburg onder Claudio Abbado. In nederland zong hij ook veelvuldig de tenoraria’s in Bach’s Matthäuspassion alsmede de evangelist in de Johannespassion.

Radio- en televisieopnamen maakte hij o.a voor de Hessischer Rundfunk (Messias), de AVRO, RTVE in Madrid (Matthäuspassion) en Radio France in Parijs. Bij het Mozartfest in Würzburg zong hij de titelrol in Mozart’s „La clemenza di Tito“, in het concertgebouw te Amsterdam van dezelfde componist „Il Re Pastore“ en „Der Schauspieldirektor“ als ook Medelssohn’s „Erste Walpurgisnacht“. Door Marc Minkowski en Les Musiciens du Louvre werd hij uitgenodigd als solist mee te werken aan twee CD opnames voor het Archiv label van Deutsche Grammophon; het Te Deum en de Messe de Minuit van Charpentier en het Dixit Dominus van Händel. Ook verscheen bij Deutsche Grammophon de integrale opname van „Le Nozze di Figaro“ van de Salzburger Festspiele, waarop Patrick Henckens de rol van Basilio inclusief aria zingt.

Een verder zwaartepunt in zijn repertoire vormt voor Patrick Henckens het werk van Georg Friedrich Händel. Vermeldenswaardig is hierbij vooral de cyclus van geensceneerde oratoria van de componist aan de opera in Bonn onder de leiding van Jos van Veldhoven. Hierin zong Patrick Henckens de rollen van Jonathan („Saul“) en de titelrol in Jephtha, waarvoor hij in de vakpers uiterst lovende kritieken ontving. Jephtha zong hij daarop ook met de Bachakademie Stuttgart onder Helmut Rilling. Met werken als „Messiah“, „Judas Maccabeus“, „Belshazzar“, „Alexander’s Feast“, „Dixit Dominus“, „Lotario“, „Radamisto“ en „Alcina“ trad hij op in o.a Oslo, Helsingborg, Kopenhagen, Bologna, Nürnberg, Karlsruhe en Amerika.

Lees meer
koxvocaal

Peter Gijsbertsen

De tenor Peter Gijsbertsen voltooide in 2006 zijn conservatoriumstudie solozang. Hij zet zijn studie voort bij bas-bariton Harry Peeters en vocal coach Gilbert den Broeder. Hij volgde lessen bij Cristina Deutekom en Betty Schuurman. In mei 2009 nam Peter deel aan de Samling Foundation Masterclasses o.l.v. Sir Thomas Allen en is daarop gevraagd voor concerten in de Wigmore Hall te Londen. In 2007 was Peter in Glyndebourne de winnaar van de John Christie Award.

Onder zijn reeds uitgevoerde opera repertoire behoren Gomatz in Zaïde (Opera Trionfo), Joe in La fanciulla del West, Le petit Vieillard in L’enfant et les sortilèges, Licone in Orlando Paladino, 2e tenor in Chant sur la mort de Haydn en Strozzi/Cavaliere in Caterina Cornaro van Donizetti (Zaterdag Matinees), Lucano en Liberto in L’incoronazione di Poppea van Monteverdi, der Junge Seemann in Tristan und Isolde en Maintop in Billy Budd van Britten (Glyndebourne Opera Festival), Alméric in Iolanta (London Philharmonic Orchestra), Gernando in L’isola disabitata van Haydn (Nationale Reisopera) en Balthasar Zorn in Die Meistersinger von Nuernberg van Wagner (Theater Kiel).

In 2008 maakte Peter samen met Gilbert den Broeder zijn recitaldebuut bij het Grachtenfestival te Amsterdam waarop zij subiet werden teruggevraagd voor het volgende seizoen. Beide jaren werd hij genomineerd voor de Grachtenfestivalprijs voor jonge talentvolle musici.
Onder het uitgevoerde oratoriumrepertoire behoren onder meer de aria’s in de Matthäus Passion van Bach (Brabants Orkest), de tenorsolo in Pulcinella van Stravinsky (Rotterdams Philharmonisch Orkest) en de tenorsolo in de Vigilia van Rautavaara (Groot Omroepkoor).
Op de agenda staan o.a. de aria’s in de Matthäus Passion van Bach (Koninklijk Concertgebouworkest), Graf Albert in Die tote Stadt van Korngold (ABAO Bilbao), principal tenor in The Fairy Queen van Purcell en Novice in Billy Budd van Britten (Glyndebourne Festival Opera).

Lees meer
koxvocaal

Peter Vos

Na een succesvol afgeronde studie geneeskunde aan de Universiteit van Maastricht, genoot de lyrische tenor Peter Vos, zijn zangopleiding bij Christa Wolfs-Van den Bosch, sopraan, en tenoren Jos van Eyck en Manfred Jung tot medio 2008. Hij volgde masterclasses bij John Bröcheler en Kurt Moll en werd gecoacht door Hein Meens tot aan diens plotse overlijden in februari 2012.

Peter zong een verscheidenheid aan rollen in vele talen in binnen- en buitenland. Bijvoorbeeld de rol van MARKIES in de Nederlandse première van ‘De Speler’ van S Prokofjev bij Opera Zuid, FAUST van
Ch Gounod, ADAM in ‘Der Vogelhändler’ van C Zeller, DANILO in ‘die lustige Witwe’ van Fr Lehár, TASSILO in ‘Gräfin Mariza’ van E Kálmán, SIEDLER in ‘Im weissen Rössl’ van R Benatzky, GRENICHEUX in ‘de Klokken van Corneville’ van R Planquette, REMENDADO in ‘Carmen’ van G Bizet (met Tania Kross als Carmen), FALSACAPPA in ‘Die Banditen/Les Brigands’ en BOBINET in ‘La vie Parisienne’ van J Offenbach, maar ook de titelrol in de komische DialectOpera ‘Schinderhannes’ in Roermond. Daarnaast was hij winnaar van aflevering 6 en finalist van UNA VOCE PARTICOLARE in 2005. Verder heeft hij solistisch meegewerkt aan diverse musicaluitvoeringen in binnen en buitenland, zong hij voor de Duitse radio, en was hij halve finalist aan het 1e Cantilena Gesangswettbewerb, Oper/Operette und Konzert in Bayreuth in 2007 en laureaat aan het Robert Stolz Gesangswettbewerb, Wiener Operette in Hamburg in 2003.

Peter heeft een ruime oratorium en concert ervaring: oa. Bach: Passionen en Cantates; Charpentier: messe de Minuit; Dvorak: Stabat Mater; Franck: les sept dernières paroles du Christ en croix; Haydn: Die Schöpfung, Die sieben letzten Worte; Händel: Messiah; Maunder: Olivet to Calvary; Mendelssohn: Elias; Mozart: Requiem, Krönungsmesse, missa brevis in D, missa Solemnis in C; Ramirez: Misa Criolla; Rossini: petite messe Solennelle; Saint-Saens: Oratoire de Noël; Schubert: Intende voci orationis.

Ook liederen staan op zijn repertoire zoals liederen van Schubert w.o. de cycli Die schöne Müllerin en Dichterliebe en Spanische Liebeslieder/Schumann.
Hij werkte samen met dirigenten als Jean-Yves Ossonce, Marco Zambelli, Raymond Janssen, Manfred Jung, Laurent Wagner, Ivan Anguélov, Jan Stulen, Stephan Pas, Niek Idelenburg en Nico van der Meel, met orkesten als het Brabants Orkest, Limburgs Symfonie Orkest, Florilegium Musicum, het Orchestra Particolare, Continuo, het Staats Balletorkest vd Oekraïne, het Dordts kamerorkest en vele andere en mocht werken onder regisseurs als Dalia Ibelhauptaite, Gudrun Hartmann, Giles Havergal, Leo Decker en Aidan Lang.

Lees meer

Rein Kolpa

De tenor Rein Kolpa kreeg zijn opleiding aan het Swee­linck Conservatorium te Amsterdam, waar hij de drama (opera)-opleiding volgde en in 1992 zijn eindexamen Solozang Docerend Musicus behaalde bij Margreet Honig. Hij volgde zomer­cursussen bij het Europees Centrum voor Opera en Vocale Kunst te Gent en bij het Internationaal Opera Centrum Nederland. Bij Kurt Equiluz en Anthony Rolfe Johnson volgde hij masterclas­ses. Tevens volgde hij verschillende acteercursussen bij bekende acteurs.

Van 1992 t/m 1994 had Rein Kolpa een contract bij de studio van de Opera van Keulen. Hier werd hij begeleidt door Hans Sotin en breidde hij zijn operarepertoire uit met o.a. rollen uit Henzes Der Prinz von Homburg (1e Officier), Die Zau­berflöte für Kinder (Tamino), La Finta Semplice (Fracasso), Ariadne auf Naxos (Scaramuccio), Lohen­grin en Monteverdi’s L’In­coro­nazio­ne di Poppea (diverse rol­len); deze laatste produktie werd gedi­ri­geerd door René Ja­cobs. In de nieuwe Kupfer/Conlon-produktie van Shosta­kovits­chs Die Nase speelde en zong Rein Kolpa zes verschil­lende kleine rollen. Ook vertolkte hij de rol van Jacquino in Beetho­vens Fidelio in de Neugebauer/Zagrosek-produktie.

In 1990 maakte Rein Kolpa zijn debuut bij De Nederlandse Opera als Knappe in Parsifal onder Hartmut Haenchen. In 1992 zong en speelde hij bij De Nederlandse Opera 1st Friend in de wereldpremiere van Life with an Idiot van Schn­ittke (onder leiding van Rostrop­ovitsch). Bij de Vlaamse Opera was de tenor te horen in de Rosenkava­lier-pro­duktie (Valzacchi) en vertolk­te hij daar Uldino in Verdi’s Attila.

Bij Opera Zuid zong hij rollen in de producties van Tosca en Martinu’s Julietta, bij de Hoofdstad Operette was hij in Viktoria und ihr Husar te horen, en speelde hij de rol van “Pappacoda” in Eine Nacht in Venedig. Ook werkte hij mee aan nog een serie Wien bleibt Wien.

Bij de Nationale Reisopera zong Rein ondermeer Don Curzio in Le Nozze di Figaro, Toby Hig­gins in Aufstieg und Fall der Stadt Mahagonny en een aantal rollen in “Orfeo” van Monteverdi. Ook zong hij in drie serie’s Wien bleibt Wien met Marco Bakker waarvan een CD-opname gemaakt is.

Op het Broomhill Festival in Engeland was de tenor te horen/zien als Brig­hel­la/Tanzmeister in Ariad­ne onder leiding van Nicho­las Cleobu­ry en regisseur Jonathan Miller; en in de rol van Flute in Brittens A Midsummer­nights Dream en in het Chichester Festival zong hij in Don Giovanni (Don Ottavio). Rein was in I Pagli­ac­ci te zien als Beppe in de AHOY-pro­duktie van The Companions.

In de Opera van Braunschweig zong hij in Salomé (1e en 4e Jood) en Norma (Flavio). Tevens werkte hij mee aan een serie operette-con­certen onder de titel Wien bleibt Wien. Hij besloot het seizoen met

Rein Kolpa heeft ook vele musicalproducties op zijn repertoire staan. Sinds zijn Nederlands/Vlaamse debuut als o.a. “Jekyll” in Jekyll and Hyde bij het Konink­lijk Ballet van Vlaanderen speelde hij “Marius” in Les Misera­bles in Antwerpen (Music Hall), “Freddy” in My Fair Lady, “Billy Lawlor” in 42nd Street (Stage Entertainment), “Prins” in Sneeuwwitje (Studio 100), “Aramis” in 3 Musketiers (Stage Entertainment), Papa LePlee in Piaf (V&V Entertainment) en Kapitein von Trapp in de Sound of Music (V&V Entertainment).

Rein Kolpa heeft vrijwel alle grote oratoria op zijn repertoire staan en heeft veel concerten met bekende dirigenten in Nederland, Duitsland, België, Frankrijk en Italië gezongen.

Rein Kolpa is initiatiefnemer van het Nederlands Operette Theater waarbij te zien was als “Frick” en “De Braziliaan” in La Vie Parisienne. Ook heeft Rein de rol van “Cornelis Tromp” gezongen en gespeeld in de moderne opera Bestevaer over Michiel de Ruyter en Cornelis Tromp t.g.v. het “De Ruyter-jaar”. In Februari 2011 was Rein afwisselend te zien als “Alfred” en “Eisenstein” in Die Fledermaus in de grotere theaters van Nederland en België.

Lees meer
koxvocaal

Robert Buckland

De Tenor Robert Buckland begon zijn muzikale scholing als koorzanger bij de Regensburger Domspatzen. Tijdens zijn zangstudies treedt hij regelmatig op met top ensembles zoals het Huelgas Ensemble, het Collegium Vocale Gent en de Nederlandse Bachvereniging. Verder is hij tot nu toe verbonden aan het jonge solisten ensemble Vox Luminis. Als Solist vertolkte Robert zowel de aria’s als de evangelistenrol van de Passies en het Weihnachtsoratorium van J.S. Bach. Ook soleerde hij in oratoria van onder andere F. Mendelssohn, R. Keiser, A. Stradella, C. Monteverdi en G.Ph. Telemann, in verschillende orkestmissen van J. Haydn, F. Schubert, G. Carissimi en W.A. Mozart, in cantates van de verschillende Bach’s, Fasch, Telemann en Händel en in de Opera’s Acis and Galathea (Acis), Siroe (Arasse) en Lotario (Berengario) van G.F. Händel, Dido en Aeneas (Aeneas), King Arthur en The Fairy Queen (Phoebus, Autumn) van H. Purcell en Haydn’s Philemon und Baucis (Philemon). Hij werkte samen met orkesten als het Concerto Köln, het Düsseldorfer Sinfoniker, Combattimento Consort Amsterdam en Les Agremens en dirigenten zoals Frieder Bernius, Jos van Veldhoven, Jan Willem de Vriend, Joshua Rifkin, Guy van Waas, Peter van Heyghen en Pieter-Jan Leusink. In 2008 voerde hij de Dichterliebe van R. Schumann in New York en Die Schöne Müllerin van F. Schubert in Oslo en in Den Haag uit.
Robert is in juni 2008 met onderscheiding afgestudeerd aan het Koninklijk Conservatorium, waar hij met Barbara Peason en Diano Forlano studeerde. In de afdeling voor oude muziek had hij refgelmatig lessen van Peter Kooij, Michael Chance, Marius van Altena en Jill Feldman. In het seizoen 2008/09 was Robert Buckland lid van het Operastudio Nederland. Momenteel wordt hij door de tenor Marcel Reijans en de pianist Hans Schellevis gecoached.

Lees meer

Robert Luts

Lees meer

Seil Kim

De Zuid-Koreaanse tenor Seil Kim behaalde zijn diploma aan het Conservatorium die Santa Cecilia in Rome en vervolgens een concertdiploma aan het Conservatoire de Musique van Geneve. In 2008 ontving Seil Kim een diploma Uitvoerend Musicus aan de Zürcher Hochschule der Künste. Zijn leraenwaren onder andere Nicolai Gedda, Franco Corelli, Thomas Quasthoff en Eric Tappy.
Seil Kim won diverse prijzen. Zo was hij winnaar van het Internationaal Schubert Concours in Osaka, hij won de tweede prijs bij het Maria Callas Concours in Athene, de derde prijs bij de competitie bij Thomas Quasthoff voor “Das Lied” in Berlijn. Verder won hij tweemaal de Zwitserse Migros Prize en de prijs voor de beste zanger bij het Festival in Verbier in Zwitserland. In 2010 ontving hij de prijs van de Vrienden van het Lied bij het Internationaal Vocalisten Concours in Den Bosch.

Seil Kim heeft een enorm repertoire opgebouwd, zowel op gebied van opera, als concert en oratorium.
Maar daarnaast ook als vertolker van het lied. Van barok tot hedendaags.
In de opera ontving hij lovende kritieken in de rol van Orphee in La descente d’Orphee aus enfers door Marc-Antoine Charpentier, als Ernestor in Don Pasquale van Donizetti en in het oratorium als Evangelist in de Matthäus Passion van J.S. Bach.

Seil Kim was te beluisteren in vele bekende theaters en concertzalen, zoals o.a. het Concertgebouw in Amsterdam, Festspielhaus Baden-Baden, Wiener Musikverein, Staatsopera Berlijn, Tonhalle Zürich, Händel Festival Luzern, en Seoul Arts Center.

Lees meer